Liefde als kunst

Liefde als kunst

In deze blog behandel ik de liefde als kunstvorm. Al eerder besteedde ik uitgebreid aandacht aan de psychologische aspecten en processen achter de liefde (waaronder het zeer belangrijke proces van hechting) in de blog ‘Liefdesval’. In ‘Liefde als kunst’ ga ik vooral in op het praktische handelen van de liefde. Onder meer beschrijf ik hoe de klassieke Grieken de liefde beschouwden en omzetten in de praktijk, aan de hand van zes begrippen: eros, philia, ludus, pragma, agape en philauteo. Met Erich Fromm bespreek ik tot slot een aantal primaire houdingsaspecten waarvan de beoefening de liefde werkelijk tot kunst kunnen verheffen, te weten: toewijding, discipline, zelfgevoel en geduld.

hands-1150073_1280

“Wijsheid begint met oprecht verlangen naar onderricht, verlangen naar onderricht is haar liefhebben, liefde is het eerbiedigen van haar wetten”

– Wijsheid 6:18

Jaren geleden ontmoette ik een jonge vrouw. Kort voordat ze uit mijn leven vervloog, zoals een droom vervliegt bij het ontwaken uit een diepe slaap, riep ze tegen me: “Maar ik zoek de liefde!” Die uitspraak is me altijd bijgebleven. Ze hanteerde de liefde zoals een schermmeester zijn degen hanteert en schermde met het woord, als was de liefde een fataal wapen dat ze reeds lang gevonden en gescherpt had. Op die manier kon ik me dan ook niet onttrekken aan de indruk dat ze niet precies wist waar ze naar zocht.

Begripsverwarring

De mening dat mensen tegenwoordig vaker niet precies weten wat ze bedoelen als ze het woord  liefde gebruiken, wordt door meer mensen met mij gedeeld. Ik ben niet de enige die meent dat, wanneer mensen hartstochtelijk aangeven te zoeken naar de liefde, er regelmatig sprake is van een flinke begripsverwarring. Of die denkt dat, wanneer het woord liefde voorbijkomt, er eigenlijk andere behoeftes worden bedoeld, behoeftes als troost, afleiding, avontuur of zelfs ordinaire macht.

De wonderbox van Roman Krznaric

Een auteur die eveneens uitgebreid ingaat op deze begripsverwarring is cultuurhistoricus Roman Krznaric, over wiens empathiebegrip ik hier al eerder schreef. In zijn boek ‘De wonderbox. Verrassende geschiedenissen in de levenskunst’ betoogt hij onder meer dat die verwarring rondom de liefde ontstaat doordat we tegenwoordig vrij gedachteloos er van uitgaan dat ‘liefde’ één ding is. Dat is echter, aldus Krznaric, een misvatting. Want de liefde kent vele vormen. De oude Grieken bijvoorbeeld, pakten het, aldus Krznaric, in de basis van hun taal al een stuk verstandiger aan. Want waar wij in onze moderne, of postmoderne, Westerse cultuur slechts één woord hebben voor liefde, daar hadden de Grieken er tenminste zes. Te beginnen bij een woord dat nog het meest bekend is bij ons, de ‘eros’.

statue-142195_1920 kopie-2

Eros en waanzin

Eros was de naam van de Griekse godheid voor liefde en vruchtbaarheid. Het begrip stond daarbij  voor de Grieken ook voor seksuele hartstocht en begeerte. Dat klinkt misschien beheerst, maar Eros boezemde de Grieken ook angst in. Eros vertegenwoordigde namelijk de vurige, irrationele vorm van liefde, een vorm van liefde die vooral neigt richting de waanzin.

Griekse mythen

Interessant hierbij is dat Eros niet alleen het verlies van zelfbeheersing belichaamde, zoals wij dat ons tegenwoordig vaak voorstellen bij de ultieme vorm van romantiek. Eros betrof niet enkel de vorm van liefde die aangaf dat het zo jeukt en kriebelt voor de ander dat we in staat zijn om onze geestelijke stabiliteit ervoor op te offeren. Eros vormde ook het startmotief voor flink wat van de Griekse mythen. En dat detail blijkt hierbij niet zonder betekenis.

Eros en Zeus

Regelmatig komt het voor dat een Griekse mythe begint te vertellen hoe de door eros voortgedreven oppergod Zeus zich bij zijn veroveringen voortdeed als iets anders om te bereiken wat hij wilde. Zeus, die als startpunt van vele mythen alles in werk stelde om zijn eros, zijn seksuele lust, te kunnen bevredigen, veranderde zich onder meer in een zwaan om Leda te verleiden, werd een sneeuwwitte stier in zijn jacht op de begeerlijke Europa en transformeerde zich tot een wolk om zich aan Io te kunnen vergrijpen.

woman-1369253_1280

Minder dan zichzelf

Eros dreef blijkbaar zelfs de oppergod, die toch alles zou moeten kunnen krijgen wat hij wilde, ertoe om, uit verlangen te bereiken wat hij begeerde, zich voor te doen als iets anders – minder zelfs – dan zichzelf. In eros school dus blijkbaar ook een element dat mensen en goden ertoe aanmoedigde om zichzelf, en misschien zelfs de begeerde ander, te verraden om te verkrijgen wat ze wilden. Eros verleidde ertoe dat men zich, om te krijgen waar men naar lustte, anders voor deed dan men was. Het duidde ook een motivatie aan voor een opdringerige vorm van onoprechtheid.

Manipulatief veinzen

Voor de Grieken hield Eros – de lust, de seksuele begeerte – dus inderdaad verband met liefde, maar niet zonder impliciete waarschuwing voor die andere kant die ook tot eros behoorde: het dwingende, manipulatieve veinzen. In onze huidige tijd lijkt die waarschuwing vaak te ontbreken. Zeker in populaire cultuur lijkt de liefde tegenwoordig één-op-één gelijkgesteld aan erotiek. De klassieke Grieken zouden dat echter als een flinke misvatting zien.

Philia

Naast eros kenden de Grieken een tweede vorm van liefde: de ‘philia’ – een begrip dat vertaald kan worden als vriendschap. Loyaliteit, moed en trouw waren de vooraanstaande elementen van deze vorm van liefde. De ‘philia’ kwam voor de Grieken vooral tot uitdrukking in de band tussen de soldaten op het slagveld, het kameraadschap waarbij het leed van de strijd gedeeld werd en krijgsbroeders bereid waren om hun leven voor elkaar te geven.

Vriendschap als marketinginstrument?

Deze intensiteit, zoals de Grieken die begrepen achter het woord ‘philia’, biedt een hele andere lading en betekenis aan hoe vriendschap beschouwd kan worden, dan zoals dat tegenwoordig vaak het geval lijkt. Vriendschap lijkt in deze tijd vaak een wegwerpproduct en wordt daarbij gereduceerd tot afkortingen als ‘bff – ‘best friend forever’ (waarbij eeuwig blijkbaar nogal kort duurt en van tijdelijke aard blijkt). Of vriendschap is een commercieel product, zoals social media als facebook het gebruiken: ‘vriendschap’ als  statusbepalend marketinginstrument. Maar vriendschap te zien als een vorm van liefde waarmee men zich tezamen door het slagveld – of de storm – van het leven worstelt? Die vorm van liefde lijkt ons steeds vaker vreemd.

person-843774_1920

Ludus

Daarnaast bestond een derde vorm van liefde: de speelse liefde, de ‘ludus’. Deze vorm van liefde verwees voor de Grieken naar de speelsheid van stoeiende kinderen op het plein of de speelse genegenheid zoals gelegenheidsminnaars die voor elkaar kunnen voelen. (Het begrip ‘ludus’ is overigens afkomstig uit het Latijn en wordt gebruikt door de Romeinse dichter Ovidius, van wie de academici – en Krznaric – het begrip hebben overgenomen.) De ludus had alles te maken met lichtheid, creativiteit en vrolijkheid. Het was de verkenning van de liefde als spel van afstand en nabijheid en van het verkennen van grenzen: het had het positief kinderlijke karakter van de briefjes die je op school uitwisselt: ‘Ik ben op jou, ben jij ook op mij?’. Maar ook was ludus de erotische dans van wat tegenwoordig de tango of de salsa is: het speelse verleiden op de dansvloer waarbij lichamen elkaar sensueel uitdagen. Ludus was de liefde als vorm van spelen.

Pragma

Naast deze speelse vorm van liefde, was er ook een vierde, volwassen variant van liefde: de ‘pragma’. Pragma duidde voor de Grieken de vorm van liefde aan waarmee een stel de relatie in stand hield, het was de verantwoordelijke liefde. Pragma ging over het geduld en de verdraagzaamheid tussen partners, over het tolereren van elkaars eigenaardigheden door de jaren heen en over de bereidheid om compromissen te sluiten om een stabiele thuissituatie te scheppen. De veilige en liefdevolle omgeving waarin een kind kon opgroeien, werd gebouwd op pragma.

Agape

Dan was er voor de Grieken nog een vijfde vorm van liefde, aangeduid door ‘agape’. Dit was een radicale, onzelfzuchtige vorm van liefde voor de wereld. Agape was een liefde zonder verplichtingen of voorwaarden. Het begrip vormde op den duur ook een van de belangrijkste concepten in de christelijke leer: met ‘agape’ duidden de vroege christenen de onvoorwaardelijke liefde aan van God voor de mens. Een liefde die de gelovige op zijn beurt terug kon geven aan God en de medemens.

guy-548941_1920

Philauteo

Tot slot kenden de Grieken nog een zesde vorm van liefde: de ‘philauteo’, de eigenliefde. Met deze eigenliefde bedoelden de Grieken echter niet de narcistische, egoïstische zelfliefde waarbij iemand geen enkel oog meer heeft voor de ander. Philauteo sloeg er juist op dat iemand die op zichzelf gesteld was en zelfverzekerd was, heel veel liefde te geven had. Philauteo vormde dan ook een positieve vorm van eigenliefde, waarbij de mens de eigen onvolkomenheden aanvaardde en in alle bescheidenheid de persoonlijke talenten durfde te erkennen. Juist die vorm van eigenliefde stelde een mens in staat om aan anderen liefde te bieden.

Aanscherpen van de liefde

Krznaric erkent in zijn boek dat er, op grond van het Griekse begripsonderscheid, voor hem nog flink wat vormen van liefde zijn waaraan hij kan werken. En dat geldt ook voor mijzelf. Ik heb in mijn leven, verleid door eros, soms mijn hart uit elkaar gescheurd voor wat ik dacht dat liefde was, maar dat eerder in richting van waanzin neigde. Begeerte en lust vormen een monster dat ook voor mij soms moeilijk te beheersen valt. Daarnaast is het voor mij, als klassieke introvert, met een nadrukkelijke behoefte aan momenten van rust en stilte, regelmatig lastig om een goed evenwicht te bewaren tussen de trouw aan mijn vrienden, vertegenwoordigd door philia, en de goede zelfzorg zoals de philauteo die vertegenwoordigd. En ook ben ik vaak dermate serieus in mijn denken over relaties en liefde, dat de ludus – het spel van de liefde – er nogal bij inschiet. Er valt voor mij dus zeker nog wat aan te scherpen op gebied van de liefde.

Mythe van de liefde

Vooral echter, stelt het begripsonderscheid mensen in staat om afstand te doen van een van de meest hardnekkige mythes van de liefde. Namelijk dat ‘ware liefde’ een soort ‘ultieme kern’ heeft. Tegen deze mythe zet, naast Krznaric, ook filosoof en schrijver Jan Drost in zijn boek ‘Het romantisch misverstand. Anders denken over liefde’ een goeddoordacht offensief in.

Oppervlakkige uiterlijkheden

In zijn boek vertelt Drost onder andere hoe een vrouwelijke collega hem op een avond vraagt om iets met hem te gaan drinken. Aangemoedigd door enige alcoholconsumptie begint ze vervolgens haar hart uit te storten over haar verlangen naar de liefde zoals die wordt beschreven in Bouquetreeks-romannetjes. Haar verlangen betreft een opsomming van oppervlakkige uiterlijkheden zoals die tegenwoordig maar al te vaak het gladde ideaalbeeld vertegenwoordigen van de romantiek: het lenige, atletische lichaam, de rijkdom, de glamour, de stomende hartstocht.

car-655240_1280

De mens bestolen

Liefde, kortom, als één lange aaneenschakeling van passievolle momenten. Op de vraag van Drost aan zijn gesprekspartner of dat werkelijk liefde is voor haar, is het antwoord vervuld met inwendige twijfel. “Ja,”antwoordt ze, bijna wanhopig. “Nee. Ja en nee. Ja.” Het ideaalbeeld regeert hierbij over haar en besteelt haar daarmee van een bereikbare, realistische vorm van liefde. Het domineert – en reduceert daarmee – het complexe en meervoudige begrip dat de liefde eigenlijk omvat, concludeert Drost. En het laat de mens bestolen achter.

Teweerstellen

Maar hoe bestrijdt je dan dat je bestolen wordt door je eigen idealen? Is het de collega van Drost – en velen met haar, waaronder ikzelf – werkelijk kwalijk te nemen dat ze vallen voor een dergelijk voorgekauwd en oppervlakkig beeld van liefde? Wat wij omschrijven als ‘liefde’ is immers deel van onze cultuur. Het vormt daarmee als het ware een onderdeel van de lucht die we inademen. Dus hoe stel je je te weer tegen deze inademing?

Erich Fromm

Erich Fromm (1900 – 1980) was een sociaalpsycholoog, psychoanalyticus en filosoof die op deze vraag een antwoord gaf in zijn klassieke werk: ‘Liefhebben, een kunst, een kunde’. De vergelijking met het ademen blijft daarbij van toepassing. Het ademen komt ons voor als een van de meest voor de hand liggende activiteiten. Maar we worden ons pas bewust van onze ademhaling en de invloed die dit heeft op ons emotionele en fysieke welzijn, wanneer we, door middel van verdiepende meditatieoefeningen, daar onze volledige aandacht op gaan richten.

Liefde als kunst

Ongeveer hetzelfde geldt, aldus Fromm, voor de liefde. Algemeen wordt aangenomen dat er niets zo makkelijk is als liefhebben en dat de liefde eenvoudig is. Maar we worden ons pas bewust hoeveel dimensies liefhebben heeft, zo stelt Fromm, wanneer we als uitgangspunt hanteren dat de liefde een kunst betreft waar we onze volle aandacht op kunnen richten. Dat uitgangspunt maakt immers duidelijk dat we, willen we waarachtig liefhebben, bij de liefde op dezelfde wijze kunnen handelen als bij het aanleren van iedere andere kunst of ambacht.

handmade-1153614_1920

Theorie- en praktijkbeoefening

Het aanleren van een kunst omvat ten minste drie elementen, aldus Fromm. Allereerst begin je met het aandachtig leren van de theorie. Daarnaast moet je jezelf er praktisch in bekwamen. Iemand die bijvoorbeeld de geneeskunst wil leren, zal zich eerst moeten bekwamen in de feitelijkheden van het menselijk lichaam. Maar feitenkennis maakt iemand nog niet tot een goede arts. Daarvoor heb je een gedegen periode van praktijkbeoefening nodig.

Toewijding

Daarnaast is er nog een derde element dat Fromm noemt: de toewijding. Niets anders in de wereld mag van belang zijn dan de kunst die je wilt leren. Slechts wie zich volledig, met hart en ziel, aan zijn kunst wijdt, kan meesterschap erin bereiken. En hetzelfde geldt, aldus Fromm, voor de liefde. Wie de liefde als kunst wil beoefenen, moet dat dan ook met volle toewijding doen. In zijn boek beschrijft Fromm daarnaast vier primaire voorwaarden die noodzakelijk zijn voor het beoefenen van de liefde, te weten: discipline, concentratie, zelfgevoel en geduld.

stones-1058365_1280

Discipline

Allereerst zal iemand, in de visie van Fromm, nooit iets – en het maakt daarbij niet uit wat – echt goed kunnen doen als hij of zij zich er niet met discipline op toe legt. Alles wat iemand alleen maar doet ‘wanneer hij of zij er toevallig zin in heeft’, kan misschien wel een leuke hobby betreffen, maar op die manier zal die bezigheid nooit een kunst worden. Wil je van de liefde een kunst maken, dan moet je er gedisciplineerd in zijn, aldus Fromm. Dat is een benadering van de liefde die ons tegenwoordig vaak vreemd voorkomt, zeker als je kijkt naar ons taalgebruik rondom de liefde zoals we dat tegenwoordig vaak hanteren. We gebruiken woorden als ‘flirt’, ‘scharrel’ en ‘fling’ om onze liefdeservaringen te omschrijven, om daarmee vooral toch het hobby-achtige karakter te benadrukken waarmee we de liefde in deze tijd vaak benaderen.

Concentratie

Fromm erkent dat het hectische bestaan in de westerse wereld mensen gemakkelijk verleidt tot een snel verspringende leefwijze, waarbij de aandacht gemakkelijk verslapt. De huidige tijd kent vooral onrust en instabiliteit en concentratie is daarbij niet eenvoudig op te brengen. Maar de essentie van het vermogen tot concentratie is volgens Fromm juist dat je het kunt verdragen om alleen met jezelf te zijn. En dit ‘alleen-met-jezelf-kunnen-zijn’ is, aldus Fromm, precies de onmisbare voorwaarde voor het vermogen tot liefhebben. Fromm adviseert dan ook om eerst je ‘ik’, je eigen ‘zelf’, te vinden, waarmee hij bedoelt: probeer je krachtcentrum, probeert dat wat je inspireert in je leven te vinden. Want dat is jouw wereld, dat is de plek van waaruit jij je concentratievermogen kan ontwikkelen.

Zelfgevoel

Concentratie kan ook, aldus Fromm, niet worden aangeleerd zonder dat iemand alertheid en sensiviteit ontwikkelt voor zijn eigen, innerlijke dynamiek. Een mens moet dan ook een gevoel krijgen voor zichzelf krijgen, zodat iemand de eigen innerlijke stem kan horen. Want het is die stem, die intuïtie, dat zelfgevoel, dat iemand kan vertellen waarom hij of zij zich angstig, terneergeslagen, geïrriteerd of juist positief geprikkeld voelt in aanwezigheid van de ander. Het is dit zelfgevoel dat, aldus Fromm, iemand kan leiden en helpen in de liefde.

Geduld

Tot slot moet de mens voor de liefde, in de ogen van Fromm, ook geduld ontwikkelen. Dat is inderdaad niet eenvoudig, erkent hij, want een mens weet namelijk dat hij of zij iets essentieels in het leven verliest als iemand de dingen langzaam doet, namelijk: tijd. Maar anderzijds wijst Fromm erop dat de mens juist met gewonnen tijd maar al te vaak eveneens iets al te onzinnigs doet, namelijk: haar verdrijven of ‘doden’. Het is dus zaak hierin een evenwicht te vinden en wat de tijd dan ook in ere houdt, is volgens Fromm, de beoefening van geduld. En hetzelfde geldt voor de liefde: geduld houdt de liefde in ere.

Volharding

Fromm moedigt ons dan ook aan om al die gedaantes van de liefde – zoals we die inmiddels bijvoorbeeld kennen van de Grieken – volhardend te oefenen. Om erover te leren en ons erin te verdiepen. Ons er in de praktijk met hart en ziel op toe te leggen. Om ons liefhebben om te vormen tot een kunstvorm. En zo, van de liefde een kunst te maken.

Potentieel van de liefde

Iemand die zegt de liefde te zoeken, zit dus eigenlijk op het verkeerde spoor. De liefde hoeft helemaal niet gezocht te worden. Het potentieel voor de liefde ligt immers voor het oprapen. Het zit verweven in elk aspect van het web aan relaties die een mens aangaat, vanaf het eerste moment dat hij of zij de wereld betreedt.

Wetmatigheden van de liefde

De liefde is niet ‘alleen maar’ terug te vinden in passie, sensualiteit of erotiek. De liefde zit verwikkeld in de overgave aan het spel door het opgroeiende kind (ludus), in de loyaliteit en de trouw van de vriendschap (philia), in het verantwoordelijk werken met collega’s (pragma), in het altruïstische vrijwilligerswerk (agape) en doet zich zelfs voor in het goed zorgen voor jezelf (philauteo). Al deze aspecten kennen hun eigen wetmatigheden en kunnen je uitdagen om die vorm van de liefde tot een kunstvorm te maken.

Liefde begint met wijsheid

Liefde begint dan ook met wijsheid. De wijsheid om te zien dat de wereld juist in alle opzichten overloopt van kansen om de liefde oprecht en passievol te bedrijven. In elk contact dat we aangaan met onze medemens en de wereld ligt namelijk de mogelijkheid tot liefde.

Het is aan ons om die liefde vervolgens om te zetten tot kunst….

love-560783_1280


Ontdek meer van Rogier Teerenstra

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Geef een reactie