De prachtige spektakelfilm ‘Gravity’, stammend uit 2013, is volgens mij veel meer dan een simpele of oppervlakkige film. Het is een film met een spirituele boodschap. Net zoals bij de vermakelijke animatiefilm Rango (waar ik in eerdere blogs al over schreef – o.a. hier en hier) heeft ook de schitterende actiethriller Gravity meer te zeggen over het levensbeschouwelijke en over spiritualiteit dan je op het eerste gezicht zou zeggen. Naast een zeer spannend avontuur, is de film namelijk ook een zinnig protestpamflet tegen de wijze waarop spiritualiteit tegenwoordig vaak wordt opgevat. In deze blog wil ik daar dieper op ingaan.
De film ‘Gravity’
Voor mensen die ‘Gravity’ helemaal niets zegt: een korte samenvatting. De film is geregisseerd door de Mexicaanse regisseur Alfonso Cuarón, onder meer bekend van de kleurrijke roadtrip ‘Y tu mamá también’ en de donkere sciencefiction dystopie ‘Children of men’. De hoofdrollen in de film zijn voor Sandra Bullock en George Clooney.
Sandra Bullock speelt er de astronaute dr. Ryan Stone die zich tijdens een ruimtemissie op ongeveer 600 kilometer boven de aarde, geconfronteerd ziet met de ene ramp na de andere. Zwevend satellietschroot torpedeert haar shuttle nadat het ruimteafval in versnelling is gebracht bij een vrij achteloos uitgevoerde vernietiging van een in onbruik geraakte satelliet door de Russen. Vanaf dat moment probeert ze wanhopig een weg terug naar aarde te vinden.
In eerste instantie wordt ze daarbij nog bijgestaan door veteraan-astronaut Matt Kowalsky (vertolkt door George Clooney). Maar nadat Kowalsky zijn leven heeft gegeven om haar te redden, staat ze er in haar eentje voor. Kwetsbaar en weerloos, zwevend in het grote donkere niets.
Aan de hand van dit flinterdunne verhaal ontvouwt zich een visueel spektakel dat je op het puntje van je stoel brengt. De film won zeven Oscars, onder andere voor beste cinematografie, beste regie en beste soundtrack. De dramatische sciencefiction thriller is nagelbijtend spannend, zeker als je de film voor het eerst ziet. Dus wie gewoon wil genieten van een goede en spannende film zou ik ‘Gravity’ zeker aanraden.
Diepere boodschap
Tegelijk draagt de film een boodschap in zich die gemakkelijk over het hoofd wordt zien. Of beter gezegd: mensen vinden het moeilijk om zich er de ogen bewust voor te openen. ‘Gravity’ blijkt een film te zijn waar mensen de aandacht maar moeilijk bij kunnen houden. Afgeleid door het overschot aan spektakel kijken mensen gemakkelijk over de kern van de film heen.
Dat maakt het echter des te interessanter om vervolgens toch die diepere laag van de film naar boven te halen. Dan ontdek je namelijk hoe de film een belangrijke kritiek levert op de opvatting van spiritualiteit als ‘zweverij’. Bovendien stelt de film daar ook een heldere alternatieve visie op spiritualiteit tegenover.
Spiritualiteit: licht en zwaar
Spiritualiteit is een ingewikkeld begrip. Op waarachtige wijze spiritualiteit tot onderdeel van je leven te maken is geen gemakkelijke zaak. Het is niet iets ‘dat je er even bij doet’. Spiritualiteit is ook geen luxe-artikel.
Toch wordt juist dit serieuze aspect, dit aspect van zwaarte – van het ‘gewicht’ van spiritualiteit – vaak over het hoofd gezien. Er waart een soort globale opvatting van spiritualiteit door (vooral onze Westerse) wereld die spiritualiteit lijkt te reduceren tot een hobby. Spiritualiteit als ‘wellness’.
In het verlengde daarvan – deels als gevolg, deels juist als oorzaak – wordt spiritualiteit door mensen aan de andere kant vaak weggezet en afgezonderd als ‘zweverij’. Spiritualiteit – als weg en praktijk – wordt dan gemakkelijk weggewuifd als onzinnig. Weggeblazen als gekkigheid. En, zo opgevat, láát spiritualiteit zich op die manier ook makkelijk wegblazen.
Vervolgens lijkt (ik schrijf nadrukkelijk: lijkt) het wegzetten van spiritualiteit als onzinnig ook nog eens terecht. Doordat mensen inderdaad soms gaan ‘zweven’ in hun spiritualiteit. Spiritualiteit betekent dan vooral heel veel weekendworkshops volgen, volgestouwd met de nieuwste goeroes. En daarbij zoveel mogelijk chakra’s, mantra’s, energiebanen, geurkaarsen, klankschalen en voorouderlijke astrale lichamen verzamelen. Hoog, hoger, hoogst. Spiritualiteit wordt zo een wedstrijd voor wie het hoogst kan zweven.
In zijn essay ‘Licht en Zwaar – voor zwevers en andere spirituelen’ , geschreven in het kader van de Maand van de Spiritualiteit 2014, levert Frits de Lange, o.a. hoogleraar Ethiek, precies een dergelijke kritiek op spiritualiteit. Zijn sommige soorten spiritualiteiten, vraagt hij zich af, niet gewoon ‘te licht’ aan het worden? Te zwevend – dat wil zeggen: te escapistisch – van aard geworden?
‘Spiritualiteit’, zo schrijft De Lange in zijn essay (en ik citeer:) ‘staat vandaag vaak voor een vorm van individuele zelfhulp om te ontsnappen aan de zwaarte van het dagelijks bestaan. Geen initiatie in de moeiten van het het leven, maar een verlossing eruit. Nieuwe vormen van religiositeit wijzen ons liever niet op verantwoordelijkheden, maar leren ons de onthechting.’
“Life in space is impossible”
Spiritualiteit is juist echter – in ieder geval naar mijn mening, in het spoor van de kritiek van De Lange – het tegenovergestelde. Spiritualiteit heeft alles te maken met verantwoordelijkheid. Het gaat niet om onthechting. Het gaat erom de verbinding aan te durven gaan met het leven. Het gaat erom met handen en voeten contact met de aarde, met de realiteit, te krijgen.
Kees Waaijman opent bijvoorbeeld zijn grondwerk, zijn ruim 900 pagina’s tellende Handboek Spiritualiteit, niet voor niets met deze zin: ‘Spiritualiteit raakt aan de kern van het menselijk bestaan: de verhouding tot het Absolute.’
Let op: Waaijman zegt hierbij niet dat spiritualiteit draait om ‘Het Absolute’. Hij zegt dat het draait om de verhouding tot. Spiritualiteit betekent dus niet: alle touwtjes doorsnijden en gaan met die ballon – kijken hoe hoog je kan komen. Spiritualiteit gaat juist over hoe je je verhoudt tót die hoogte, ín het leven, met de voeten op de vloer. Dát is precies waar de film ‘Gravity’ ook op wijst.
In feite begint dat al met de eerste zinnen op het zwarte scherm, bij aanvang van de film. Na de eerste waarschuwing dat er op 600 km hoogte boven de aarde geen geluid mogelijk is, dat er geen luchtdruk is en geen zuurstof, en dat de temperaturen er fluctueren tussen de +258 en -148 graden Fahrenheid, staat er dan onderaan het scherm, voor de film werkelijk begint, deze boodschap:
‘Life in space is impossible’
De inbeukende realiteit
In eerste instantie lijkt dat een onheilspellende waarschuwing die de ‘ernst’ van de situatie van de astronauten moet benadrukken. Maar in tweede instantie duidt die zin op meer. Want leven in een zwevende ruimte van spiritualiteit – bestaand uit luchtledigheid, zonder houvast en zonder kader – is immers net zo goed onmogelijk.
Overleven met een zwevende spiritualiteit die je voortdurend in ‘hogere sferen’ brengt is niet houdbaar. Op den duur ontneemt het je de adem. Dan hoort niemand je meer. En verga je in de immense ruimte van dat ‘Absolute’.
Laten we het verhaal van de twee astronauten, dr. Ryan Stone en veteraan Matt Kowalski, eens bekijken als ‘zoekende spirituelen’. Op hun zoektocht naar méér – naar ‘de’ zin van het leven – zijn ze tot de allerhoogste hoogten van de aarde zijn gestegen, zelfs tot waar de aardse dampsfeer in ruimte overgaat. Zo bekeken stelt de film een overduidelijke vraag. Namelijk:
“Hoeveel is een dergelijke zwevende spiritualiteit eigenlijk waard, in confrontatie met een werkelijkheid en realiteit die onherroepelijk op het leven van ieder mens inbeukt?”
Die inbeukende realiteit wordt gesymboliseerd door het voortrazende ruimteschroot dat de astronauten in het verhaal op de proef stelt. Er zit daarbij geen bijzondere reden achter dat beproeven. De reden dat het afval in beweging is gebracht is triviaal. Het schroot schept er ook geen sadistisch genoegen in om het de astronauten moeilijk te maken. Het doet wat het doet.
Het zweeft rond en kan in versnelling worden gebracht door omstandigheden. Waardoor het gevaarlijk wordt en op noodlottige wijze levens kan vernietigen. Er schuilt geen diepere zin achter de ene oorzaak en het andere gevolg. Het zijn simpelweg krachten die op noodzakelijke wijze op elkaar inwerken.
Trauma en spiritualiteit
Zo gaat het in het werkelijke leven ook. Er gebeuren dingen. Soms zijn dat ongelooflijk nare en tragische dingen. Er schuilt echter geen bijzondere betekenis áchter die tragiek. Ziekte, pijn, ongeluk, dood. Ze zijn onderdeel van het leven. Omdat het leven nu eenmaal zo in elkaar zit. Leven is in dezelfde mate gruwelijk tragisch als dat het vervuld is van een adembenemende schoonheid.
Des te sympathieker is het hoofdpersonage in ‘Gravity’ dan ook voor mij. Dr. Ryan Stone is namelijk niet zonder reden op haar astronautenmissie. Ze is getraumatiseerd en haar tragiek is oprecht groot. Ze heeft haar dochter verloren.
De dood van haar 4-jarige dochter wordt in het verhaal omschreven als een zinloos, stom ongeluk. Geen gierend remmende auto, geen terminale ziekte. Nee, dit is werkelijk een stommigheid. Haar dochter was aan het spelen op het schoolplein. Viel. Stootte haar hoofd ongelukkig op de stenen. En dat was het dan. Einde van een leven.
Er zijn mensen die, in reactie hierop, op internet spottend over de titel van de film schrijven: ‘So her daughter fell and hit her head. A victim of gravity. Really, amazing: that’s also the title!’ Maar die cynische en honende toon laat vooral zien hoe ongevoelig het gros van de mensen eigenlijk is. Hoe cynisch, harteloos en machteloos dom mensen soms kunnen zijn.
In plaats daarvan stel ik voor om je werkelijk in te leven in dit verhaal. Sta eens stil en verplaats je in haar. Stel je voor om zelf een ouder te zijn, een moeder, een vrouw, die het leven van haar jonge dochter verliest. Aan zoiets verschrikkelijk willekeurigs en triviaals als de zwaartekracht. En die daardoor, door die tragiek – als het ware verstomd, lamgeslagen, verdoofd – los raakt van het leven. Weggeslagen van haar reden om te leven. En ze begint te zweven…
De leegte na de botsing
Zwaartekracht is wat een leven kan losslaan van ieder mogelijk kompas – door die ene klap, van dat hoofdje, van dat jonge kind, op die koude stenen. Een redeloze macht die maakt dat, gepaard met volmaakte onverschilligheid, twee massa’s op vernietigende wijze op elkaar knallen. Hoe diep persoonlijk het gevolg is van een dergelijke, diep onpersoonlijke botsing tussen die twee massa’s. Daar gaat ‘Gravity’ eigenlijk over.
Hoeveel leegte kan er ontstaan in de nasleep van zo’n botsing? Zoveel leegte dat een moeder er, in haar verdriet, het heelal voor zou willen opzoeken om iets, wat dan ook, te kunnen vinden tegen dat verdriet. En nu is ze daar. Ze is tot de rand van de aardbol gestegen. En ze staart – stil, rusteloos, lamgeslagen – naar een volstrekt niets terugzeggend heelal.
Datzelfde heelal stelt haar meedogenloos op de proef. Het zweven keert zich tegen haar. Ze wordt door al dat schroot – door het leven – dieper die ruimte in geslingerd, zonder enige vorm van houvast. En wat haar wacht is enkel nog meer leegte. Er is geen hogere stem die haar iets influistert. Er wacht slecht duisternis.
Loslaten van de traditie
Als medemens herken ik die ervaring ten diepste. En wie kent het niet, in zijn of haar hart? Die momenten waarop het leven helemaal donker is? Momenten dat de stilte je volkomen omhult, tot je alleen nog het geruis van je eigen ademhaling in je oren hoort? Terwijl je jezelf, verdwaald en in paniek, langzaam door het lege niets voelt tollen?
Voor de astronaute in Gravity is het de stem van haar medestander – senior-astronaut Matt Kowalsky – die haar vervolgens redt. Op die manier, als die influisterende stem, heeft Matt een belangrijke rol in de film. Een rol die nog belangrijker wordt als je weet dat Kowalsky aan de lopende band het ene na het andere ongeloofwaardige verhaal vertelt over zijn leven. Het zou hier zomaar onze eigen religieus verhalende tradities kunnen zijn – zo overvol met voor ons nauwelijks meer verstaanbare, begrijpbare Bijbelverhalen – die hier wordt gesymboliseerd!
Toch sterft ook Kowalsky uiteindelijk in een poging om dr. Stone te redden. Sterker nog, Kowalsky spoort haar zelfs, in zijn laatste moment, aan om hem zelf los te laten, zodat zij het tenminste nog kan redden. Soms moeten we immers ook onze oude tradities loslaten om weer grip te krijgen op het leven. Die geschriften die ons vanuit de oude tijden nog de laatste instructies influisteren over hoe we onze levens zouden moeten leiden, leiden soms enkel nog af.
Ons eigen spirituele pad kan geïnspireerd raken door oude tradities – de Bijbel, de Koran, de Bhagavad Gita, de suttapitaka. Maar uiteindelijk laten we in onze nood ook die achter ons. Ook in die tradities zijn uiteindelijk geen antwoorden te vinden. Het leven moeten we zelf leiden.
Pas vanaf het moment dat ze ook die laatste tradities loslaat, gesymboliseerd door het loslaten van de verhalenvertellende Kowalski, vanaf dat moment kan dr. Stone in ‘Gravity’ als het ware opnieuw geboren – (dat wil zeggen: ‘gered’) – worden. Dit wordt in de film dan ook prachtig uitgebeeld door de wedergeboortescène.
Het is de scene waarin dr. Ryan, happend naar zuurstof, in haar astronautenpak het reddende ruimtestation is binnengekomen. Ze heeft Kowalsky achter zich moeten laten, die nu steeds verder afdrijft, het zwarte niets van de ruimte in. Zijn rustige stem sterft krakend weg in de microfoon.
En met de vermoeidheid van een drenkeling die zich op het droge tracht te trekken, werpt ze – onderdeel voor onderdeel – het grote zware ruimtepak van zich af. Tot ze uiteindelijk gewichtsloos in die koude cabine blijft zweven. En zich als een foetus in de cabine oprolt, als een baby in de baarmoeder. De losse kabels zwevend als navelstreng in de vloeistof van de ruimte rondom haar kabbelend, omgeven door de stille en koude apparatuur van de ruimteshuttle.
Het antwoord van de aarde
Zoals de naakte mens geworpen wordt in een wereld vol scherpe randen en rafels. Zonder bescherming of dempende lagen zweeft zij daar rond, in de baarmoeder van de satelliet. Een wedergeboorte van iemand voor wie het zweven te ver is gegaan en die te ver losgeraakt is van het leven. En voor wie juist nu, op dit moment, de terugkeer naar de wereld van belang is.
Voor dr. Ryan Stone is het trauma diep. Het verlies van een kind: hoe onmetelijk is dat verdriet? Het is dan ook goed voor te stellen dat haar zoektocht naar een antwoord heeft geleid tot een verlangen om de blik te kunnen wenden tot de onmetelijkheid van het heelal.
Op zoek naar…naar wat? Onze heldin weet het zelfs nauwelijks. Maar één ding weet ze wel heel zeker. Nu, in haar hoogste nood wil ze niets liever dan terug naar beneden. Ze wil overleven. En ze moet daarvoor terug naar aarde.
Verhaaltechnisch is het logisch dat een astronaute die gestrand is in de ruimte terug wil naar beneden, terug wil naar de aarde. Maar er is een sleutelscène in de film die duidelijk maakt dat er méér aan de hand is met deze focus op de aarde. Hoe belangrijk precies die aarde is en hoeveel belang die richting naar beneden eigenlijk heeft in die redding van dr. Stone.
Juist de planeet aarde neemt, in verband met de boodschap naar spiritualiteit die Gravity in zich draagt, een centrale plek in. De sleutelscène die deze boodschap verbeeldt, betreft een radiogesprek van dr. Stone met een vreemde op aarde.
Dr. Stone probeert op dat moment wanhopig contact te krijgen met een radiostation beneden, probeert de NASA of een ander internationaal station te bereiken, in een poging om hulp te krijgen. En stuit dan op de stem van deze vreemdeling.
In haar allerhoogste nood treft ze, daar beneden op aarde, een eenvoudige man die, min of meer per ongeluk, de radio beantwoordt, maar die haar taal niet spreekt en ook geen woord van wat ze zegt begrijpt. Hij is zich volkomen onbewust van haar nood en identificeert zichzelf als de Inuit Aningaaq (in de Inuit-mythologie is Aningaaq – ook wel de ‘maan man’ genoemd – de God van ‘Het land erboven’)
En dan is er dat prachtig moment – de scene duurt maar enkele ogenblikken – dat dr. Stone in dat haperende gesprek de honden van deze Inuit op de achtergrond hoort blaffen in de radio. En ze, vol berustende en uitgeputte wanhoop, tegen zichzelf zegt: ‘Ze roepen vanuit de aarde…’.
En vanuit de radio, als antwoord? Weerklinkt een hartelijk, oprecht en diep vrolijke lach…
De aarde als anker
Aningaaq, een Inuit op aarde, laat vervolgens – zich volstrekt onbewust van, en dus ook onverschillig voor, de angst en de paniek en de doodsnood van dr. Stone – de geluiden van een baby horen. Hij laat de honden voor haar blaffen. En hij lacht vanuit de aarde naar haar omhoog. En dr. Stone, niet wetend wie Aningaaq is, bekent aan hem, als in een gebed gezonden naar die onbekende daar ver beneden haar, dat ze gaat sterven.
Ze vertelt hem dat ze weet dat iedereen natuurlijk sterft, dat dat bij het leven hoort. Maar dat zij weet dat zij vandáág gaat sterven. En dat ze doodsbang is. Omdat ze vreest dat niemand voor haar zal rouwen. Dat er niemand zal zijn om voor haar ziel te bidden. En dan vraagt ze aan die onbekende stem beneden haar, eigenlijk gericht aan de aarde, of die om haar zal rouwen. Of die voor haar zal bidden.
Het is een radicale omkering van het gebed. Dit is geen gebed dat omhoog is gericht. Dit is geen bidden, gericht op het nevelige, zwevende, ontastbare en onkenbare Al, gelegen in een nog hoger geplaatste, nog meer onkenbare laag van het universum. Maar dit is een gebed, gericht naar beneden. Gericht op de tastbare aarde.
Dit is de glasheldere boodschap die ‘Gravity’ hier aflevert. Dr. Ryan Stone richt zich in haar wanhoop niet langer op de onmetelijke hoogte boven haar, op ‘het ongrijpbare goddelijke’ in de ruimte. Ze richt zich naar beneden. Naar het anker van de aarde.
In haar wanhopige bekentenis zegt ze vervolgens: ‘Ik zou wel willen bidden, maar ik weet niet hoe. Niemand heeft me ooit geleerd om te bidden.’ En als antwoord op dit ‘gebed’? Laat Aningaaq haar vanuit de aarde horen hoe een baby huilt.
Het zijn die basale aardse geluiden – het geblaf van de honden, het huilen van de baby – die onze zwevende en verdwaalde ziel nu eenmaal solaas kan bieden. Als alles immers instort, als alles immers verkeerd gaat, dan rest ons slechts de basale troost van de aarde.
De geboorte van het kind. Het geblaf en gesnuif van de dieren. Het gevoel van de wind. De regen die neerdaalt op onze lichamen. De wortels van spiritualiteit zijn, met andere woorden, niet geworteld in de ruimte. Ware spiritualiteit zweeft niet rond in het hogere, is niet te vinden in het onaantastbaar.
De wortels van een werkelijk levende spiritualiteit vinden hun ankers ín die aarde. Spiritualiteit wortelt in het lichaam en in de wereld. Dat is wat Gravity aan boodschap meegeeft.
“Landing is launching”
Kernachtig is die boodschap samen te vatten in de korte zin die de heldin in het verhaal invalt op een moment dat ze eigenlijk alles al heeft opgegeven. Het is deze zin die haar de uiteindelijke redding biedt: ‘Landing is launching’. (Om te ontdekken wat er schuilgaat achter deze zin en de emotionele scène te zien waarin dr. Stone haar inval heeft en hoe het tot haar redding leidt, raad ik je vooral aan om de film te gaan kijken.)
In de context van dit essay slaat ‘landing is launching’ in ieder geval precies op het wortelen van spiritualiteit in de aarde. Wanneer je alles verloren hebt en zelfs dán niets meer lijkt te antwoorden, dan is er nog steeds die aarde en dat lichaam. Het vertrekpunt om in contact te komen met dat ‘Hogere’ is de voeten op aarde te zetten.
Wie het Hogere werkelijk eer aan wil doen – wie zich wil bezighouden met spiritualiteit (dus dat dat wil zeggen: wie zich wil bezighouden met die verhouding tot dat Absolute) hoeft daarvoor niet extra te gaan zweven. Het vertrekpunt is juist de voeten op de aarde te krijgen. Te landen, om zo te proeven van de werkelijkheid van de wereld. Om ‘op te stijgen’ moet je eerst ‘landen’, als het ware met je ‘poten in de klei’ gaan staan.
Je kunt deze aanmoediging tot ‘poten in de klei’ om van het Absolute te proeven letterlijk opvatten. Het vertaalt zich dan als het harde werken op het land, of als de echte, fysieke handenarbeid: werken aan de lopende band, fabriekswerk, industriële schoonmaak. Zo vatte een mystica als Simone Weil het bijvoorbeeld op.
Maar volgens mij gaat het om méér. Het is vooral ook om realiteitszin. Spiritualiteit betekent in die zin dus: niet schuilen voor de werkelijkheid. De soms onverdraaglijke leegte van het leven te durven dragen en aangaan. In ieder geval die werkelijkheid te durven zien – te wíllen zien – zoals die werkelijk is en zich aan ons aandient. En er niet méér van maken dat dat het is.
Spiritualiteit is: de realiteit niet ontkennen. Maar in passievolle liefde en hartstocht die werkelijkheid omhelzen. Hoe goor en verschrikkelijk die werkelijkheid soms ook is. En dat te zien, dat te doen? Dat gaat soms het beste terwijl je de modder, de aarde, in je handen draagt. En je het slijk tussen je vingers voelt.
Zo eindigt Gravity dan ook, met precies dat beeld. Voeten op de aarde, het slijk op de handen van dr. Stone. Het verdriet van het overlijden van haar dochtertje – een sterfgeval dat haar tollend en wel het heelal insloeg – die rouw is daarmee op aarde niet plotseling voorbij. Maar de eerste stappen om met dit verdriet om te kunnen gaan? Die kan en zal ze maken, niet zwevend in de ruimte, maar met de aarde onder haar voeten. Met de grond als tastbaar houvast.
‘Gravity’ en rouwproces
Er zijn enthousiaste recensenten die stellen dat Gravity eigenlijk een film is die gaat over rouw (bijvoorbeeld hier en hier). Ik ben daar zelf ook lange tijd van overtuigd geweest. En het rouwproces komt ook zeker aan bod in de film.
Toch kies ik er uiteindelijk voor om rouw niet als hoofdelement in Gravity te interpreteren. Rouw is immers geen proces dat in een ‘verhaaltje’ even soepel afgewerkt kan worden, om tot een bevredigende voleinding te komen – zoals dat bij een film wel kan. Rouw kent per definitie geen ‘eind goed, al goed’. Rouw is bovendien expliciet persoonlijk. Wie rouwt, heeft verdriet en lijdt. Daar wil ik geen filmervaring overheen leggen.
Veel meer vind ik dat Gravity lichte vingerwijzingen vertoont richting de mystieke spiritualiteit van Simone Weil. Niet voor niets wees ik net al even op de opvatting van de fysieke arbeid voor Simone Weil, als middel om in contact te komen met het werkelijke goddelijke.
Grenzeloos radicaal verwoordt Weil haar verhouding tussen de mystieke ervaring en arbeid als zij bijvoorbeeld schrijft: “De arbeid is een soort dood, en door deze dood moet elke mens heengaan, wil hij toegang vinden tot de waarheid van het universum.”
Zwaartekracht en Simone Weil
Net zoals spiritualiteit in zichzelf moeilijk te vatten is, zo is Simone Weil moeilijk te vatten als mystica. Het radicalisme dat haar zinnen uitstraalt, spreekt me intens aan. Maar net zoals de intensiteit van de film Gravity het moeilijk maakt om de dieperliggende kern ervan te kunnen zien, maakt de intensiteit van het radicalisme in de mystiek van Simone Weil het moeilijk te verstaan wat ze precies bedoelt.
Toch is wat Simone schrijft, volstrekt naakt in al haar helderheid. Juist de arbeid – en voor Simone is dat: de fysieke handenarbeid – brengt ons dichter bij God. Juist de ervaring van het lichaam, juist de onderwerping aan de krachten die het lichaam geselen, brengt ons dichter bij het goddelijke.
Voor Simone is het helder. Wie de werkelijkheid – dat is ‘het Goddelijke’, het ‘Hogere’ – wil ervaren, moet zich dan ook onderwerpen aan de wetmatigheden van de werkelijkheid. Juist het begrip ‘zwaartekracht’ neemt daarom in haar mystieke spiritualiteit een centrale plek in.
Voor Simone Weil namen de natuurwetenschappen van haar tijd een belangrijke plek in haar denken. Begrippen als ‘kracht’, ‘energie’, ‘beweging’, ‘ruimte’ en ‘tijd’ zijn belangrijke klassiek natuurkundige begrippen die je bij Simone Weil terugvindt, in een soort literaire navolging van haar oudere broer André, die zich destijds had ontwikkeld tot wiskundige van wereldfaam.
Voor Simone geldt dat ze deze natuurkundige begrippen niet letterlijk bedoelde. Voor haar zijn het vooral beelden: beelden van de krachten waar onze ziel aan onderhevig zijn. Zwaartekracht vertegenwoordigt voor Simone Weil de kracht die mensen confronteert met het noodlot. Het is het noodlot uit de Griekse tragedie, waarin de Goden naar willekeur besluiten over het menselijke lot. Daar gaat in feite ook de film ‘Gravity’ over.
‘Gravity’ en Simone Weil
‘Gravity’ gaat over de vraag hoe we als mens kunnen omgaan met de willekeur van de noodzakelijkheid. De film verbeeldt namelijk dat precies in die botsing met de noodzakelijkheid, juist ook de redding besloten kan liggen.
Dr. Ryan Stone was aan het begin van de film zwevend en verslagen. Het is de realiteit van de confrontatie met de wetten van noodzakelijkheid die haar tot beweging manen. De richting van die beweging is daarbij heel specifiek: ze moet terug, terug naar beneden, terug naar aarde, om te overleven.
De wetten van noodzakelijkheid dwingen haar ook te vechten voor overleven. Ze kan daarin opgeven: dat is een mogelijkheid. Die keuze komt ook letterlijk voorbij in de film. Maar feit is dat het het noodlot zelf is, dat haar aanspoort om weer terug te keren naar aarde. En dat maakt dat ze haar voeten weer op de grond wil zetten.
Werkelijke spiritualiteit beleef je dan ook niet in de ruimte zelf, vertelt ‘Gravity’ ons. Waarachtige spiritualiteit beleef je precies ín dat leven, terug op aarde. Onderweg om daar te komen zal je worden geconfronteerd met de krachten van de realiteit. En ook op aarde zullen die krachten er zijn.
Je ontkomt niet aan die krachten. En dat moet eigenlijk ook niet. Juist het proberen te ontsnappen aan die krachten is ‘on-spiritueel’. Spiritualiteit draait om het omhelzen van die krachten, óók als ze je doorboren en in feite verpletteren.
Je hoeft kortom, helemaal niet te zweven om van je eigen verhouding tot het Absolute te proeven. Je proeft de aanwezigheid van dat ‘Alles’ juist in de weerstand van de zwaartekracht. In de weerstand die je voelt bij de inspanning van het knielen op aarde. En bij het weer opstaan uit de modder.
Gravity drukt precies deze spirituele boodschap uit in prachtige beelden aan het einde van de film. Op weergaloze wijze laat de film het verrijzen van dr. Ryan Stone zien. Hoe ze vecht tegen de zwaartekracht, hoe ze uit het water kruipt, zich op het land sleurt. Hoe ze vol moeite, uitgeput, uiteindelijk toch opstaat, tegen de zwaartekracht in. En dan naar boven kijkt. Naar de hemel, naar al dat schroot dat zich nu brandend een koers door de atmosfeer schroeit.
Het schroot dat haar bijna het leven kostte. En dat haar tegelijk redde van het zweven in de ruimte…Of, om met de woorden van Simone Weil in haar boek ‘Zwaartekracht en genade’ te eindigen:
“Alle natuurlijke bewegingen van de ziel worden geregeerd door wetten die analoog zijn aan die van de zwaartekracht van de materie…
…Alleen de genade is een uitzondering.”
Ontdek meer van Rogier Teerenstra
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.















One thought on “Zwaartekracht en spiritualiteit”